Legal27 oktober, 2022

Uitonverdeeldheidtreding in een familiale of relationele context

Sven MOSSELMANS, " Uitonverdeeldheidtreding in een familiale of relationele context - Aandachtspunten inzake onverdeeldheden, uitonverdeeldheidtreding en de aanloop naar vereffening-verdeling", Notarieel en fiscaal maandblad 2019, afl. 10, 322-344

De bijdrage van Sven Mosselmans behelst een aantal aandachtspunten inzake onverdeeldheden, uitonverdeeldheidtreding en de aanloop naar vereffening-verdeling. Zij worden ondergebracht in zestien hoofdstukken en besproken aan de hand van de meest recente rechtspraak en rechtsleer.

Lees de volledige bijdrage rechtstreeks in Jura →

Voorkeur voor een minnelijke regeling

Een minnelijke regeling, bij voorkeur via een dading, geniet vanzelfsprekend de voorkeur. Deelakkoorden zijn uiteraard ook mogelijk. Zijn bij de minnelijke regeling handelingsonbekwame deelgenoten betrokken, dan behoeft zij gerechtelijke omkadering. Pas wanneer een minnelijke regeling faalt, vindt de vereffening-verdeling gerechtelijk plaats voor de familierechtbank, en dit op vordering van de meest gerede deelgenoot. De rechtspleging inzake gerechtelijke vereffening-verdeling wordt beheerst door de artikelen 1207-1224/2 Ger.W., die in een gemoderniseerde versie gelden sinds 1 april 2012.

Onvrijwillige versus vrijwillige onverdeeldheid

Een vordering tot uitonverdeeldheidtreding onderstelt een aannemelijk gemaakte onverdeeldheid. Die ligt voor wanneer verschillende personen concurrerende zakelijke rechten uitoefenen met betrekking tot eenzelfde vermogen of vermogenselement. Is de onverdeeldheid onvrijwillig tot stand gekomen, dan kan elke deelgenoot in de regel zonder meer de uitonverdeeldheidtreding vorderen. Gaat het daarentegen om een vrijwillige onverdeeldheid met een uitstapregeling, dan moet deze worden nagekomen. Bij gebrek aan uitstapregeling geldt de vrijwillige onverdeeldheid, afhankelijk van de relatie, voor onbepaalde duur en is zij opzegbaar met een redelijke opzegtermijn.

Omzetting van vruchtgebruik

De verhouding tussen een vruchtgebruiker en een blote eigenaar behelst geen onverdeeldheid. Vruchtgebruik kan weliswaar worden omgezet. Een bevel tot gerechtelijke vereffening-verdeling van een onverdeeldheid moet dan ook worden onderscheiden van een bevel tot omzetting van vruchtgebruik. Een en andere opdracht kan evenwel samenstromen bij dezelfde notaris.

Extra aandachtspunten

Verder komen onder meer aan bod:

  • de samenvoeging van meerdere vorderingen betreffende dezelfde onverdeeldheid;
  • de zogenoemde afhankelijke onverdeeldheden;
  • de gevolgen van het onsplitsbare karakter van een vereffening-verdeling;
  • de mogelijk afzonderlijke verdeling van in het buitenland gelegen goederen;
  • de techniek van ‘facultatieve prealabele rechterlijke geschillenbeslechting;
  • de verkoop van onverdeelde elementen.

Bij voormelde aandachtspunten omtrent uitonverdeeldheidtreding in een familiale of relationele context wordt in essentie een overzicht van rechtspraak geboden.

Samenvatting inhoud 

I. Primauteit van de minnelijke vereffening-verdeling
II. Wanneer gebeurt de verdeling gerechtelijk?
III. Rechtspleging
IV. Bestaan van een onverdeeldheid
V. Conventionele onverdeeldheid
VI. Concurrerende zakelijke rechten
VII. Minnelijke vereffening-verdeling onder gerechtelijke vorm
VIII. Extrapolatie van de rechtspleging inzake gerechtelijke vereffening-verdeling naar de omzetting van vruchtgebruik
IX. Bevoegde rechtbank
X. (Deel)akkoorden
XI. Samenvoeging van vorderingen betreffende dezelfde onverdeeldheid
XII. Afhankelijke onverdeeldheden
XIII. Onsplitsbaar karakter van de vereffening-verdeling - Mogelijke afzonderlijke verdeling van in het buitenland gelegen goederen
XIV. Facultatieve prealabele rechterlijke geschillenbeslechting
XV. Akkoorden
XVI. Prealabele verkoop van onverdeelde elementen

Auteur
Sven Mosselmans

Raadsheer in het hof van beroep te Gent, familie- en jeugdmagistraat, praktijklector KU Leuven

Legalworld
Legalworld Newsletter
Het recentste nieuws gratis in uw mailbox
Back To Top