man pointing at a data analytics report in a tablet
Tax & Accounting14 september, 2021

Hoe belast de fiscus uw financiële uitkeringen ontvangen in het kader van het crisisoverbruggingsrecht?

Om het hoofd te bieden aan bedrijven in moeilijkheden als gevolg van de coronapandemie, troffen de federale en de Vlaamse regering verschillende maatregelen ter ondersteuning van het bedrijfsleven. Eén van deze maatregelen is het covid-19-crisisoverbruggingsrecht. Zelfstandigen die naar aanleiding van covid-19 gedwongen werden hun zelfstandige activiteit volledig of gedeeltelijk te onderbreken, hebben hier recht op. Hebt u deze financiële uitkering ontvangen, dan vraagt u zich wellicht af hoe de fiscus die belast.

De taxatie van het crisisoverbruggingsrecht hangt af van twee zaken, namelijk de aard van de zelfstandige activiteit en van het soort inkomen. Zo belast de fiscus de uitkering ontvangen in hoofde van een zelfstandige die werkt via eenmanszaak, een zelfstandige bedrijfsleider, dan wel een meewerkende echtgenoot verschillend.
Wij bespreken in dit artikel de verschillende belastingstelsels.

Vergoedingen betaald aan zelfstandigen met winsten of baten

Het crisisoverbruggingsrecht toegekend aan zelfstandigen (in hoofd- of bijberoep) en aangevraagd via het sociaalverzekeringsfonds van zelfstandigen, wordt belast als compensatievergoeding betaald ter compensatie van een gedwongen vermindering van werkzaamheid. Het belastingtarief bedraagt in principe 16,5 % en is van toepassing voor zover de uitkeringen niet meer bedragen dan de belastbare nettowinst of -baten die in de vier jaren voorafgaand aan het jaar van de vermindering van de werkzaamheid uit de niet meer uitgeoefende werkzaamheid zijn verkregen (tenzij de gezamenlijke belasting met de andere inkomsten van de verkrijger voordeliger is). In de mate dat ze (samen met die andere vergoedingen) de belastbare nettowinst of -baten van die vier jaren overschrijden, zijn ze belastbaar tegen de progressieve aanslagtarieven. Opgelet! Deze fiscale kwalificatie geldt alleen voor betalingen aan zelfstandigen met winst of baten.


Ter info: omdat het crisisoverbruggingsrecht van zelfstandigen wordt aangegeven in het vak van de winst of baten, wordt met het bedrag ervan in principe ook rekening gehouden voor de berekening van de verschuldigde sociale bijdragen. Echter, met het oog op een gelijke behandeling van alle verkrijgers van een overbruggingsrecht, is beslist het crisisoverbruggingsrecht van zelfstandigen ook vrij te stellen van sociale bijdragen.

Vergoedingen betaald aan zelfstandige bedrijfsleiders

Het crisisoverbruggingsrecht betaald aan bedrijfsleiders (lees: niet de zelfstandigen met winst of baten), wordt belast als een ander vervangingsinkomen met eventueel recht op een belastingvermindering. Dit vervangingsinkomen wordt belast aan het progressief tarief.

Vergoedingen betaald aan meewerkende echtgenoot

Is het crisisoverbruggingsrecht verkregen als compensatie van het verlies van bezoldigingen van een meewerkende echtgenoot, dan is dat recht niet belastbaar.

Vrijgestelde vergoedingen

Vergoedingen betaald door de gewesten, gemeenschappen, provincies of gemeenten in het kader van coronasteunmaatregelen zijn vrijgesteld van personenbelasting.

De vrijgestelde vergoedingen zijn niet belastbaar en moeten niet worden aangegeven maar ze worden wel overgenomen in het aanslagbiljet in de personenbelasting om een correcte beoordeling van de bestaansmiddelen toe te laten (voor personen ten laste, voor de toekenning van parafiscale toelagen …).

De gewesten, gemeenschappen, provincies of gemeenten bezorgen daarom de nodige informatie aan de FOD Financiën. Die communicatie verloopt in principe via de nieuwe fiche 281.99. De fiche bevat geen aangiftecodes en de ontvanger van de steun moet de erop vermelde bedragen niet aangeven.

Conclusie

Het belastingstelsel van het crisisoverbruggingsrecht verschilt naargelang de aard van de zelfstandige activiteit en van het soort inkomen. Hieronder een samenvattend overzicht.

  • Winsten/baten: het overbruggingsrecht is afzonderlijk belastbaar aan 16,5 %, voor zover de vergoeding niet hoger is dan de belastbare nettowinst of -baten die in de 4 jaren voorafgaand aan het jaar van de vermindering van de werkzaamheid uit de niet meer uitgeoefende werkzaamheid zijn verkregen (tenzij de progressieve tarieven voordeliger zouden zijn).
  • Bedrijfsleiders: het overbruggingsrecht is een progressief belastbaar vervangingsinkomen.
  • Meewerkende partner (bezoldigd): het overbruggingsrecht is niet belastbaar.

Auteurs: Lauranne Krols en An Lettens