Afwijzing i-grond voor conflictmijdende werkgever 

Een productiemedewerker krijgt tijdens een gesprek op 8 maart 2018 twee opties waar hij uit mag kiezen, namelijk: een officiële waarschuwing of het dienstverband in goed overleg beëindigen. Voordat partijen verdere afspraken konden maken over de door werkgever gegeven opties is de productiemedewerker betrokken geraakt bij twee verkeersongevallen (mede) waardoor hij langdurig arbeidsongeschikt is geraakt. Op 10 februari 2020 heeft er een gesprek plaatsgevonden tussen werkgever en de productiemedewerker. In dit gesprek is het gedrag van de productiemedewerker besproken. Op 11 februari 2020 heeft de productiemedewerker zich ziekgemeld. Op 20 februari 2020 heeft werkgever een brief aan de productiemedewerker gestuurd waarin staat dat sprake is van een onhoudbare situatie. Vier medewerkers hebben klachten ingediend omdat de productiemedewerker de sfeer compleet verziekt, dat de medewerkers zich niet veilig voelen en dat de productiemedewerker hen treitert. Op 15 mei 2020 heeft werkgever een verzoekschrift ingediend met het verzoek tot beëindiging van de arbeidsovereenkomst. Werkgever voert verschillende ontslaggronden aan, waaronder de cumulatiegrond. 

De kantonrechter stelt vast dat werkgever de klachten en de incidenten die zij ten grondslag heeft gelegd aan het ontbindingsverzoek niet of nauwelijks heeft gedocumenteerd. De productiemedewerker heeft wel erkend dat hij een collega aanspreekt met ‘kontenbonker’ en dat hij ‘koekoek’ zegt als hij een andere collega tegenkomt. Nu echter niet is gebleken dat de productiemedewerker, nadat hij op dit gedrag is aangesproken, zich wederom op deze manier jegens zijn collega’s heeft uitgelaten, kan dit gedrag, wat daar verder ook van zij, geen grondslag vormen voor de ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Van belang is in dit verband ook dat werkgever er steeds voor heeft gekozen om de ontstane wrijvingen op te lossen door de productiemedewerker naar een andere afdeling over te plaatsen. Van haar had verwacht mogen worden dat zij ook had geprobeerd om de problemen op een andere manier op te lossen, bijvoorbeeld door de productiemedewerker te helpen bij het verbeteren van zijn manier van communiceren. De kantonrechter oordeelt daarnaast dat er geen sprake is van een zodanig verstoorde arbeidsverhouding dat van werkgever niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst met de productiemedewerker te laten voortduren. Ook hier oordeelt de kantonrechter dat het van werkgever verwacht had mogen worden dat zij een concreet plan en tijdspad had opgesteld om de wijze van communiceren te verbeteren. Voor wat betreft de i-grond overweegt de kantonrechter dat enkele stelling van werkgever dat sprake is van een combinatie van verwijtbaar handelen of nalaten op basis van de e-grond en een door toedoen van de productiemedewerker ontstane verstoorde arbeidsverhouding onvoldoende is. Helemaal omdat geen van de afzonderlijke ontslaggronden (bijna) voldragen zijn. Ook het verzoek tot ontbinding op de i-grond wordt daarom afgewezen.

 

JURISPRUDENTIE

ECLI:NL:RBNHO:2020:8985 Rechtbank Noord-Holland, 28-10-2020, 8673487 AO VERZ 20-70
Arbeidszaak. Ontbindingsverzoek werkgever. Het disfunctioneren en de verstoorde arbeidsverhouding zijn op zichzelf onvoldoende grond voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst, maar er is wel een combinatie van omstandigheden die ontbinding rechtvaardigt (de i-grond). Voor ontbinding op de i-grond is niet vereist dat één of meer van de ontslaggronden bijna voldragen zijn, wel dat de combinatie van omstandigheden meebrengt dat voortzetting van het dienstverband in redelijkheid niet meer van de werkgever gevergd kan worden. Dat is hier het geval. Aan de werknemer wordt de maximale (cumulatie)vergoeding van 50% van de transitievergoeding toegekend.

ECLI:NL:RBNHO:2020:7303 Rechtbank Noord-Holland, 07-08-2020, 8595423 AO VERZ 20-89
Ontbinding arbeidsovereenkomst op de e-grond. Ernstig verwijtbaar handelen vanwege schending re-integratieverplichtingen. Werknemer is, ondanks oproeping bij exploot, in deze procedure niet verschenen.

ECLI:NL:GHARL:2020:9060 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 03-11-2020, 200.280.269/01
Ontslag ‘genormaliseerde’ ambtenaar. Hoogleraar RUG laat voor de universiteit bestemde Europese gelden en andere bijdragen naar de rekening van een eigen stichting overmaken en geeft deze gelden zelf uit. Ontslag op de e-grond (‘verwijtbaar handelen’) terecht. Tekortkomingen in het toezicht van de universiteit doen aan de verwijtbaarheid niet af. Hof ziet in de omstandigheden van het geval (persoonlijke bevoordeling stond niet voorop)

ECLI:NL:GHARL:2020:9326 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 02-11-2020, 200.278.409
Uitleg contractuele beëindigingsvergoeding van vóór invoering Wwz op basis van de kantonrechtersformule. Toekenning van die vergoeding in plaats van transitievergoeding. Werkgever geen (voldoende)belang bij verzoek ontbinding op de e-grond.

ECLI:NL:GHAMS:2020:1320 Gerechtshof Amsterdam, 14-04-2020, 200.263.346/01
Appel van ECLI:NL:RBAMS:2019:4769. Ontbinding arbeidsovereenkomst op grond van verstoorde arbeidsverhouding. Art. 7:669 lid 3, onder g, BW. Geen ernstige verwijtbaarheid aan de zijde van de werknemer. Anders dan de eerste rechter oordeelde, is er geen verwijtbaar handelen van de werkgeefster zoals bedoeld in artikel 7:671b lid 7 BW. Wél transitievergoeding, geen billijke vergoeding. Ontbindingsdatum is door de eerste rechter ten onrechte bepaald zonder verdiscontering van de proceduretermijn, maar het hof is niet bevoegd de ontbindingstermijn te vervroegen van 1 september 2019 naar 1 juli 2019.

ECLI:NL:RBDHA:2020:11627 Rechtbank Den Haag, 28-09-2020, 8628229 EJ VERZ 20-85085
Werknemer was bij de werkgever in dienst als Life Science Manager. Verzoek werkgever tot ontbinding arbeidsovereenkomst wegens disfunctioneren en verstoorde arbeidsverhouding. Werknemer is met de werkgever van oordeel dat de arbeidsovereenkomst moet worden ontbonden maar betwist dat sprake is van disfunctioneren. De kantonrechter gaat er veronderstellende wijs vanuit dat sprake is van disfunctioneren. De werknemer is echter niet in voldoende mate gesteld om zijn disfunctioneren te verbeteren. Arbeidsovereenkomst wordt ontbonden op grond van een verstoorde arbeidsverhouding met toewijzing transitievergoeding. Werkgever heeft verwijtbaar gehandeld door de werknemer niet in staat te stellen zijn vermeende disfunctioneren te verbeteren en hem in plaats daarvan te overvallen met een VSO. Kantonrechter wijst een billijke vergoeding van omstreeks € 80.000,00 toe.

ECLI:NL:RBMNE:2020:4745 Rechtbank Midden-Nederland, 02-11-2020, 8529695
Verzoek ontbinding arbeidsovereenkomst op e-, d- en i-grond afgewezen.